‹ Terug

magneetkaarten

Hieronder staan alle magneetkaarten afgebeeld met daarbij de uitleg van de kaart.


kern start 

uitleg:

i    Waar hoor je de letter i?

k   Waar hoor je de letter k?

m  Waar hoor je de letter m?

s    Waar hoor je de letter s en maak de woorden.

kern 1

uitleg:

  Waar hoor je de letter p?

aa   Hoor je de letter i of aa?

   Waar hoor je de letter r?

e     Hoor je de letter i, aa of e? 

v     Hoor je de letter i, aa of e?

 

 

kern 2

uitleg:

n    Waar hoor je de letter n?

   Waar hoor je de letter t?

ee   Hoor je de letter e of ee?

b     Welke woorden kun je maken?

oo   Hoor je de letter i, e, ee of oo?

oo   Maak de woorden.

 

kern 3

uitleg:

d      Maak de woorden (d en b woorden).

oe    Welke letter hoor je in het midden?

z      Hoor je de letter s of z?

ij      Welke letter hoor je op de .?

h      Maak de woorden.

h      Maak de woorden. (zonder afbeelding)

kern 4

uitleg:

w     Puzzelen. Maak van de letters een woord.

    Puzzelen. Welke woorden komen er van boven naar beneden te staan.Het blad met de plaatjes ernaast hoort erbij.

a     Hoor je de letter a, aa, o of oo?

u     Welk woord past in de zin?

j      Maak de woorden.

j      Woordzoeker. Leg eerst de letters op de plaatjes en zoek ze daarna op in de puzzel.

 

kern 5



uitleg:

eu     Maak de woorden van de plaatjes en zet ze in de juiste rij. Heb je het woordje gemaakt? Plak er dan een . of een x op.

ie      Maak de woorden. (ie en i woorden)

l        Puzzelen. Maak met de letter uit de grijze vakken een nieuw woord en maak van de letters een woord.

ou     Welk woord past in de zin?

ou     Puzzelen. Geheimschrift. Van welk woord is geen plaatje? (los)

uu     Woordzoeker. Leg eerst de letters op de plaatjes en zoek ze daarna op in de puzzel.

kern 6

uitleg:

g     Maak de woorden. 

au   Puzzelen. Welke woorden komen er van boven naar beneden te staan.Het blad met de plaatjes ernaast hoort erbij.

ui    Maak de woorden bij de plaatjes en zet ze in de juiste rij. 

f      Welk woord past in de zin?

ei    Maak de woorden bij de plaatjes en zet ze in de juiste rij. (ei en ie woorden)

ei    Maak van de letters steeds een woord. Leg het juiste plaatje van het blad ernaast erop.